In maart 2024 publiceerde het Huis voor klokkenluiders haar jaarverslag over 2023. Afgelopen jaar kreeg het Huis meer vragen en ook meer meldingen van klokkenluiders. Dit komt overeen met internationale trends.

In haar jaarverslag over 2023 rapporteerde het Huis voor klokkenluiders (verder aangeduid als ‘Huis’) dat ze in 2023 369 nieuwe adviesaanvragen kreeg, een stijging van 50% ten opzichte van 2022. Het Huis geeft daarbij aan dat, wanneer melders het Huis om advies vragen, zij vaak al een conflict met de werkgever hebben. Vorig jaar kreeg men daarbij ook vragen van nieuwe groepen werkenden, zoals ZZP’ers, die nu ook beschermd zijn onder de Wet bescherming klokkenluiders. Opmerkelijk genoeg daarnaast ook van leidinggevenden bij bedrijven, die zich beperkt voelden om zelf misstanden aan te kaarten. Je zou zeggen dat de speak-up cultuur bij die organisaties nog wat verbeterd kan worden.

Het onderwerp begint dus wel meer te leven. Zo kwamen er in 2023 ongeveer 50% meer verzoeken om informatie van werkgevers binnen bij het Huis. Het aantal personen dat een onderzoek naar een misstand of benadeling heeft aangevraagd steeg van 11 naar 17, wat ook een flinke groei is. Tegelijkertijd is het maar een fractie van het aantal meldingen dat in Nederland jaarlijks vermoedelijk wordt ingediend, zie verder.

Verder viel het ons op dat zo’n 50% van de adviesaanvragen, waarbij sprake was een misstand, afkomstig was uit de semi-publieke sector. Gezien het aandeel van deze sector in de Nederlandse economie, lijkt ons dat nogal veel. Volgens het Huis kwamen er afgelopen jaar vooral veel vragen uit de zorgsector en daarnaast uit de academische wereld. Als het Huis daadwerkelijk een adviestraject inzet naar aanleiding van een vermoeden van een misstand, is er vaak sprake van benadeling. De overgrote meerderheid van het aantal verzoeken voor een onderzoek kwam echter uit de publieke sector; dat is toch ook wel opvallend. Zou het zo kunnen zijn dat het maatschappelijk belang bij de overheid sneller in het geding is? Is men in de publieke sector gewoon wat beter op de hoogte van de nieuwe wet en de rol van het Huis? Of is er iets mis in de (semi)publieke sector? Het probleem met dit soort statistieken is altijd dat ze voor velerlei uitleg vatbaar zijn.

De ervaringen van het Huis komen overeen met de bevindingen uit een rapport van Navex. Zij zijn vermoedelijk de grootste aanbieder van klokkenluidersoftware in de wereld. Via hun software worden jaarlijks bijna 2 miljoen meldingen ingediend bij werkgevers. Elk jaar berekent Navex de mediaan van het aantal meldingen per 100 medewerkers met behulp van een – soms wat arbitraire – berekeningsmethode. In Europa exclusief het Verenigd Koninkrijk vond er in 2023 een stijging plaats van 0,53 naar 0,63 meldingen per 100 medewerkers. Dat is een stijging van bijna 20%. Mogelijk is dat het effect van de implementatie van de EU-richtlijn ter bescherming van klokkenluiders in de diverse lidstaten. Overigens ligt de mediaan van het aantal meldingen wereldwijd op 1,57. In West-Europa wordt er nu eenmaal aanzienlijk minder vaak gemeld dan in landen als de Verenigde Staten of India; dat is ook onze ervaring. Culturele factoren spelen daarbij een rol. Zo’n 50 tot 60% van de meldingen gaat over ongewenst gedrag en iets minder dan de helft van het aantal meldingen wordt uiteindelijk ‘bewezen’ verklaard. Dat wijst erop dat het zinvol is om te rapporteren; de meeste organisaties die software aanschaffen voor het ontvangen en behandelen van meldingen, gaan serieus aan de slag met meldingen van klokkenluiders.

Internationaal gezien is het overigens heel gebruikelijk dat meldingen over ongewenst gedrag via het centrale meldloket worden ingediend. In Nederland is dat nog niet altijd het geval. In het kader van de Wet bescherming klokkenluiders zijn wij wel voorstander van één centraal meldloket, omdat je anders moeilijk ziet of er sprake is van een structuur of een patroon en of meerdere medewerkers last hebben van dit gedrag. Mariëtte Hamer, de regeringscommissaris voor seksueel grensoverschrijdend gedrag, geeft dit ook aan in haar handreiking. Meer hierover in de volgende nieuwsbrief.

Helaas zijn er geen cijfers specifiek voor Nederland gepubliceerd. Maar als die een beetje in lijn liggen van het EU-gemiddelde, wat wel onze ervaring is, dan zouden er jaarlijks tienduizenden meldingen moeten plaatsvinden in Nederland. Slechts een heel klein deel van deze melders neemt contact op met het Huis. Dat kan betekenen dat veel meldingen gewoon goed worden afgehandeld. Of dat het Huis nog wat aan haar bekendheid in de private sector moet werken.

Dan lazen we nog iets bijzonders in het jaarverslag van het Huis. Het Huis vindt het opvallend dat niet alle vertrouwenspersonen die aanklopten bij het Huis beschikten over de benodigde basiskennis over het melden van een vermoedelijke misstand. Aangezien vertrouwenspersonen vaak melders bijstaan, informeren en adviseren moet hier wel iets aan gedaan worden, om het risico te verkleinen dat potentiële melders verkeerde informatie krijgen. Wij zijn dan ook verheugd om te melden dat onze cursus ‘Wet bescherming klokkenluiders in de praktijk’ inmiddels is geaccrediteerd door de Landelijke Vereniging van Vertrouwenspersonen voor de bij- en nascholing van vertrouwenspersonen.

Meer weten over de bescherming van klokkenluiders? Volg dan onze cursus Wet bescherming klokkenluiders in de praktijk. Wij bieden de cursus ook in-house en in het Engels aan.

Neem contact op

Zoekt u nog een integriteitscoördinator? Neem dan contact met ons op.