Published On: 26/10/2021

Gepubliceerd op 26 oktober 2021

Een hoofdagente die wangedrag van haar chef naar buiten bracht is volgens de rechter terecht ontslagen, terwijl de betreffende leidinggevende onterecht is ontslagen. De advocaat van de agente noemt het “de doodsteek voor klokkenluiders binnen de politie”. Zou deze zaak anders beoordeeld worden onder de nieuwe Wet Bescherming Klokkenluiders?

Enkele jaren geleden trok een agente in Den Haag samen met een collega aan de bel omdat enkele collega’s van hen in de Haagse schilderwijk zichzelf ‘Marokkanenverdelgers’ zouden noemen en zich ook verder schuldig maakten aan racisme. Zo gebruikten zij buitenproportioneel geweld bij een aanhouding, waarna de verdachte amper nog kon lopen. Een filmpje hiervan werd vervolgens gedeeld in een WhatsApp-groep. De betreffende agenten zijn daarna overgeplaatst.

Helaas lekte de identiteit van de klokkenluider uit, waarna ze werd weggepest bij de politie in Den Haag en overgeplaatst moest worden naar een bureau in Noord-Holland. De agenten die haar hebben weggepest kregen uiteindelijk een lichte disciplinaire straf en werden niet verder vervolgd.

Op haar nieuwe werkplek werd de agente vervolgens geconfronteerd met ongewenst gedrag van haar nieuwe leidinggevende. Daarop besloot ze om haar verhaal te vertellen aan NRC Handelsblad en als bewijs ook enkele WhatsApp berichten te verstrekken waaruit blijkt dat ze door haar chef seksueel werd belaagd.

In eerste instantie is haar teamchef daarop met strafontslag gestuurd door de politie. Deze ging daartegen in beroep. En hoewel de rechters vonden dat de teamchef zich “ongeoorloofd en ongepast had gedragen en daarmee de grenzen van het toelaatbare (had) overschreden”, vonden de rechters dat hij ten onrechte met strafontslag was gestuurd. Daarbij speelde een rol dat het onderzoek “niet zorgvuldig” was uitgevoerd en werd zijn uitstekende staat van dienst als politieagent meegewogen.

De hoofdagente, die het wangedrag aan de kaak stelde, werd ook ontslagen. Volgens de rechters terecht, omdat zij door het contact met de media de ambtseed/belofte en de geheimhoudingsplicht had geschonden. Ook vond de rechtbank dat de agente te snel contact heeft gezocht met de media en niet aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake was van een zodanige noodsituatie, dat ze geen andere keus had dan informatie te delen met een journalist. Ze had zich bijvoorbeeld tot nog meer vertrouwenspersonen binnen de politie kunnen wenden dan ze al had gedaan, of een advocaat kunnen inschakelen. Hierdoor was “het imago van de organisatie en het vertrouwen in (de agente) fors .. geschaad”. De advocaat die de agente bijstond noemde het vonnis “de doodsteek voor klokkenluiders binnen de politie”. En “als de politie had gezorgd voor een veilige werkomgeving was dit allemaal niet gebeurd”.

Nu is het op zich lastig oordelen op basis van beperkte informatie en zonder kennis van alle feiten en omstandigheden. Maar wij vragen ons toch af wat het doet met het imago van de politie, als mensen die wangedrag vertonen mogen blijven en klokkenluiders worden ontslagen.

Wat is hier zoal misgegaan? Ten eerste is bij de eerste casus de identiteit van de melder uitgelekt. Dat is in strijd met de wetgeving. De tweede casus heeft de agente blijkbaar gemeld bij een vertrouwenspersoon en die functioneren bij de politie ook wel als meldpunt. Dit lijkt ons onjuist; vertrouwenspersonen dienen de melder te adviseren en te ondersteunen. Zij moeten niet ook het meldpunt zijn; deze rol dient ons inziens door een andere persoon of afdeling vervuld te worden. Immers, vertrouwenspersonen die melders adviseren en ondersteunen kunnen toch niet ook een onafhankelijk onderzoek coördineren? Daarnaast vinden we het bijzonder eigenaardig dat de agente volgens de rechtbank meerdere vertrouwenspersonen had moeten benaderen met haar melding. Is het dan niet voldoende om één keer te melden? Tot slot is er volgens de rechtbank ook nog eens onzorgvuldig onderzoek verricht. Het lijkt er toch op dat de agente voldoende redenen had om de meldprocedure bij de politie niet volledig te vertrouwen.

Onder de nieuw voorgestelde Wet Bescherming Klokkenluiders worden klokkenluiders, die zich wenden tot de pers, ook beschermd. En als zij voldoende reden hebben om de interne meldprocedure niet te vertrouwen, vervalt ook de geheimhoudingsplicht. Zou het oordeel dan anders uitvallen?

Helaas, de ontwerp-wet is alleen van toepassing als er sprake is van een ‘maatschappelijke misstand’ of van een overtreding van EU-wetgeving. Seksuele intimidatie en andere vormen van wangedrag van een politiechef naar een ondergeschikte vallen hier niet onder.

Hoe oordeelt u over deze zaak? Vindt u de uitkomst rechtvaardig? Wij vinden van niet en pleiten er dan ook voor om onder de Wet Bescherming Klokkenluiders niet alleen bescherming te bieden aan melders van maatschappelijke misstanden, maar ook aan melders van andere misstanden, inclusief misstanden bij de politie. Bekijk ook onze wensenlijst voor de Wet Bescherming Klokkenluiders. We hopen dan ook dat de agente in hoger beroep gaat tegen de uitspraak en dat de rechtbank dan de geest van de nieuwe EU-richtlijn meeneemt in haar oordeel.

Neem contact op

Zoekt u nog een integriteitscoördinator? Neem dan contact met ons op.

Contact